Algemene regel onderhuur
 
Volgens artikel 7:221 BW is de huurder bevoegd het gehuurde geheel of gedeeltelijk aan een ander in gebruik te geven, tenzij hij moet aannemen dat de verhuurder tegen het in gebruik geven bezwaar zou hebben.
 
Onderhuur woonruimten
 
Voor de woonruimte geldt een andere regel dan die van artikel 7:221 BW. De huurder van een woonruimte kan namelijk volgens artikel 7:244 BW zijn woning maar voor een deel  onderverhuren, tenzij de verhuurder dat contractueel heeft uigesloten.
 
Voortzetting onderhuur
 
De onderhuurder die in een huurwoning zijn hoofdverblijf heeft, wordt vergaand in bescherming genomen indien de huurovereenkomst tussen de huurder en verhuurder wordt beëindigd. Krachtens artikel 7:269 lid 1 BW is de verhuurder in beginsel verplicht om na het einde van de hoofdhuur de onderhuur met de onderhuurder voort te zetten.
 
Beëindiging onderhuur.
 
Wilt een verhuurder tegen de onderhuurder optreden, dan dient hij binnen zes maanden, nadat hij de onderhuurovereenkomst heeft voortgezet, via een dagvaarding een rechtsvordering met het verzoek de onderhuur te beëindigen bij de kantonrechter in te dienen. Deze  rechtsvordering tot beëindigen van de onderhuur kan alleen op grond van een viertal beëindiginggronden worden ingesteld namelijk;
 

  • Indien de onderhuurder vanuit financieel oogpunt onvoldoende waarborg biedt voor behoorlijke nakoming van de huur.
  • Indien de onderhuurovereenkomst tussen de huurder en onderhuurder is aangegaan met de kennelijk strekking de onderhuurder de positie van de huurder te verschaffen.
  • Indien van de verhuurder niet kan worden gevergd dat hij de onderhuurovereenkomst voorzet, gezien de inhoud van de onderhuurovereenkomst.
  • Als de onderhuurder niet beschikt over een noodzakelijke huisvestingsvergunning.

 
Rechtsvordering tot ontbinding van de hoofdhuurder
 
Een andere manier om de onderhuur te beëindigen is doormiddel van een rechtsvordering tot ontbinding van de hoofdhuurder wegens wanprestatie. Bij deze vordering van wanprestatie kan namelijk tevens een vordering tot ontruiming van de feitelijke bewoner/onderhuurder worden ingediend op grond van artikel 7:269 lid 2 BW.
 
Indien u als verhuurder last heeft van onderhuur is het dus van belang om zo snel mogelijk te reageren. De huurrecht advocaten van Oudaen advocatuur kunnen u hierbij snel van dienst zijn en hebben al ruim 30 jaar ervaring in zowel de bescherming van de verhuurder als (onder)huurder zijn huurrechtelijke belangen. Indien u vragen heeft over onderhuur,  neemt u dan gerust contact op met Oudaen advocatuur.